Horen, zien en zwijgen. Springspinnen verbazen.

Springspinnen (Salticidae) staan er om bekend een uitstekend visueel vermogen hebben, vermoedelijk zelfs het hoogst ontwikkeld van alle spinnensoorten.  Ze worden gekenmerkt door 4 grote, naar voren gerichte ogen, waarvan de twee middelste het grootst zijn. 

Phidippus audax springspin (bron: commons.wikimedia.org CC BY 2.0)

De lens van de voor-middenogen maakt scherpe afbeeldingen op het netvlies, dat vier lagen lichtgevoelige cellen bevat die voor licht van verschillende golflengten gevoelig zijn, waarbij de cellen voor de langste golflengten (die het minst worden gebogen door de lens) ook het verst van de lens af liggen.  Met hun zeer goed ontwikkelde voor-middenogen zijn ze in staat hun prooi nauwgezet te visualiseren.  Met een welgemikte sprong waarbij ze zich zelf beveiligen met een spinragdraad geven ze hun prooi geen schijn van kans.  Recent onderzoek van Harvard University toont nu aan dat de springspin Phidippus audax ook in staat is geluiden waar te nemen, hetgeen vrij uitzonderlijk genoemd kan worden omdat geweten is dat spinnen (en insecten in het algemeen) geen hoog ontwikkeld gehoororgaan zoals de mens bezitten.  Immers, het gehoor van de mens is opgebouwd uit een buitenoor (bestaande uit de oorschelp en de gehoorgang met trommelvlies), het middenoor (met hamer, aambeeld en stijgbeugel) en het binnenoor (met evenwichtsorgaan en slakkenhuis).  Geluid wordt waargenomen via het trommelvlies in het buitenoor, dat op zijn beurt de trillingen doorgeeft aan de stijgbeugel.  De stijgbeugel trilt ongeveer als een piston in een ovaalvormige opening in het binnenoor en veroorzaakt zo geluidsgolven in de vloeistof van het slakkenhuis.  Hier worden de mechanische prikkels van het middenoor omgezet naar een elektrische puls, die verder door de gehoorzenuwen naar de hersenen wordt geleid.  Voor meer info verwijzen we je graag door naar Mens dossier 86.

Via gedrags- en neurofysiologische studies konden de onderzoekers nu ook bewijzen dat Phidippus audax reageert op geluiden met een lage frequentie (65dB).  Welbepaalde neuronen in de hersenen werden actief en er konden bij 65dB duidelijke patronen worden geobserveerd, die zelfs aanhielden op een afstand van 3m.  De onderzoekers ontdekten bovendien ook dat de neuronen die actief worden als de spinnen geluiden van grote afstanden horen, ook actief worden als de haren op de voorpootjes van de spinnen mechanisch gestimuleerd worden.  Het suggereert dat spinnen de geluiden met deze haren registreren.  Nader onderzoek toont aan dat het gehoor van de spinnen met name gevoelig is voor specifieke frequenties.  Waarschijnlijk omdat de geluiden die hun vijanden – parasitaire wespen – met hun vleugels maken binnen die frequenties vallen.  De onderzoekers gaan momenteel na of ook andere soorten spinnen geluiden die op grote afstand van hen ontstaan, kunnen waarnemen.

Geplaatst door Kristof op 02/11/2016 om 23:11